christine stigter

Op het spoor van een cultuurhistorische topper

Voor het Rijk en de Provincie is Winterswijk iets heel bijzonders: wij mogen ons, samen met 20 andere gebieden in Nederland, ‘Waardevol Cultuurlandschap’ noemen. Al vanaf het begin van de Ruimtelijke Ordening in Nederland  in 1960, komen wij ‘met stip’ op alle kaarten van Rijk en Waterschap voor.

Onze eeuwenoude geschiedenis is af te lezen aan onze vele monumenten, de boerderijen en havezaten, de grensstenen, het strandbad en de laatste textielfabriek maar ook aan zandwegen, landerijen en landschapselementen zoals houtwallen, beken, bossen en zelfs onze bodem. Kortom, je vindt haar terug in onze gebouwde en onbebouwde omgeving. Dat bijzondere karakter wordt van harte onderschreven door de gemeente en haar bewoners. Wij denken misschien dat we voor een dubbeltje geboren zijn maar in ons hart weten we dat we (terecht) een kwartje zijn. We zijn echter niet alleen ‘bescheiden trots’ op onze omgeving maar zijn er ook zuinig op en onderhouden het goed.

Rijk, provincie, gemeenten en particulieren betalen daar graag aan mee en weten dat dit niet alleen geld kost maar uiteindelijk ook geld oplevert. Immers, de recreant komt graag en vaak naar deze ‘veelkleurige’ gebieden. Recreatie in al haar vormen is, zo blijkt uit cijfers, dé economische groeisector van de toekomst, dus is het belangrijk daarop te blijven inzetten.

Veel is in Winterwijk al gerestaureerd met behulp van onder andere bovengenoemde partijen, maar er ligt nog een groot cultuurhistorisch project klaar om te worden gerealiseerd, met aandacht, inzet en geld van de overheidspartijen en natuurlijk boeren, burgers, buitenlui én….. vrijwilligers: Transit Oost, het regionale OV-museum!

Ons spoor was de poort naar Europa, lang voordat Europa was ‘uitgevonden’, met verbindingen waar onze industrie alles aan te danken heeft. Wij bezitten een schitterend vervoerserfgoed dat verhalen vertelt over ons Winterswijkse internationale spoorknooppunt. We moeten dat materieel en die kennis bewaren en toegankelijk maken voor onszelf, voor onze toekomstige generatie maar ook voor de recreant en onze Duitse buren. Een enthousiaste en kundige groep vrijwilligers zet zich hiervoor in en werkt daarom hard aan de totstandkoming van Transit Oost. Hun enthousiasme, daar kan eigenlijk niemand omheen en dat vraagt om een gebaar. Dus gemeente en provincie, doet u mee?

Christine Stigter
Oud-burgemeester en oud-lid Gedeputeerde Staten van Gelderland
Lid van het comité van aanbeveling Transit Oost

Frank van Setten

De Achterhoek: OV-wegvoorbereider van Nederland

De Achterhoek heeft in de geschiedenis van het openbaar vervoer in Nederland de afgelopen 135 jaar een bijzondere rol gespeeld. Hoewel de basis van het spoor – en tramwegnet voornamelijk goederenvervoer is geweest, had de Achterhoek voor reizigersvervoer vaak een voorbeeldfunctie. Zo reed al in 1881 – als een van de eerste in Nederland – een stoomtram van Doetinchem naar Dieren, ontstond een fijnmazig lokaalspoornet van de GOLS en op 75 cm smalspoor doorkruiste rond 1920 vele stoomtrams de Achterhoek. Bovendien werden al in de jaren ‘30 van de vorige eeuw hoogfrequente buslijnen ingevoerd met een starre dienstregeling en is de integratie tussen trein en bus wederom als eerste in Nederland in de Achterhoek volledig ingevoerd.

Geen wonder dat zo’n netwerk met veel historie, maar ook als een voorbeeld voor goed openbaar vervoer, vandaag de dag tot de verbeelding spreekt. Om de een of andere reden is er meer ondernemerschap op vervoergebied geweest dan waar ook. De fameuze GTW, maar ook kleine spelers als Veldhuis, hebben dit een gezicht gegeven. Later gaf Syntus de toon aan en nu gaat Arriva terecht op dezelfde weg én rail door.

Ook NS heeft de Achterhoek steeds gevonden voor experimenten. Voor wat betreft goederenvervoer behoorde Winterswijk tot de grotere emplacementen, stoom werd al vroeg vervangen door diesel. Echter, toen in Nederland stoom alleen nog in museumsituaties bestond, reed de Duitse buurman DB nog dagelijks met stoomlocomotieven naar Winterswijk. De Buffel oftewel DM-90 reed zijn eerste kilometers in de Achterhoek en NS gaf in de Achterhoek als eerste haar positie als enige railvervoerder van Nederland op, zo de weg bereidend voor regionaal vervoer. Gelet op het hoogfrequente gebruik van de trein in de Achterhoek, is dat inmiddels een goede keuze gebleken!

Kortom; er ligt in deze regio een boeiende geschiedenis op vervoergebied, waarvan het meer dan de moeite waard is deze op allerlei manieren te behouden. Materieel speelt daarbij natuurlijk een aansprekende rol, maar ook foto’s, kaarten, boeken en films vertellen veel over die meer dan interessante geschiedenis.

Het is dan ook een zeer goed initiatief om dit alles bij elkaar te brengen in een nieuw  te verrijzen ‘Transit Oost’ in Winterswijk. Als de geschiedenis dan ook nog gekoppeld wordt aan educatie op vervoergebied, is het plaatje compleet. Naast genieten van treinen en bussen uit vervlogen tijden moet de liefhebber de achtergronden kunnen vinden van een stoomtram die tot in 1957 reed tussen Doetinchem en Doesburg en waarom juist in de Achterhoek de integratie tussen trein en bus succesvol geworden is. Laten we hopen en ervoor zorgen dat er snel voldoende medestanders zijn om Transit Oost te realiseren!

Frank van Setten
Vanaf 1985 werkzaam in diverse leidinggevende functies in het openbaar vervoer in de Achterhoek, thans adjunct directeur Arriva Trein
Lid van het comité van aanbeveling Transit Oost